Hanseatic Innovating Regions
De hoofdtaak binnen het project is het inventariseren van marktrijpe innovatieve ideeën bij regionele spelers, gericht op marktontwikkeling en internationalisering van MKB. Met gebruikmaking van de resultaten uit het eerder goedgekeurde project Knowlege Transfer Network (van op MKB gerichte innovatie-intermediairs) is het de bedoeling een aanzet te geven tot transnationale clustervorming binnen als prioriteit aan te geven thematische gebieden. Het geheel past binnen de innovatie doelstellingen van de Provinsje Fryslân:
- Facilitering van de uit RIPF voortkomende projecten van MKB-ondernemers richting marktontwikkeling & internationalisering
- Verankering van professionaliteit van intermediaire kennisinstellingen in Friesland.
- Toegang van Fries MKB en intermediaire kennisprofessionals tot internationaal kennisnetwerk in Hanse Passage regio (scheppen van een facilitair platform voor transnationale clustervorming).
- Vergroting internationaal marktbereik & mobiliteit Fries bedrijfsleven.
- Versterking Fries profiel als kennisregio cf. Fryslân Fernijt
- Voorbereiding op het optimaal gebruikmaken van mogelijkheden kaderprogramma’s kennisontwikkeling & innovatiebevordering in periode 2007-2013.
Deelnemers:
- ICT Center Friesland – Lead participant
- Transferstelle dialog Carl von Ossietzky Universitat
- Provincie Groningen
- Provincie Drenthe
- Provincie Overijssel
- Provincie Flevoland
- INHOLLAND Diemen, Alkmaar, Haarlem (Provincie Noord-Holland)
- Beta Technology Limited Yorkshire & The Humber
- Riga Region Development Agency
- Kurzeme Region Development Agency
- Region Haute Normandie (observer – kosten voor eigen rekening)
Looptijd: 18 maanden, start november 2005.
Het project wordt gecofinancierd door de Provinsje Fryslân en door het Interreg IIIC programma middels Hanse Passage-middelen.
IT-Loket
werk en scholing
Het IT-loket werk en scholing is gestart in juni 2001 op initiatief van de Gemeente Leeuwarden, CWI en de Provincie Friesland, in het kader van de Werkgelegenheidsovereenkomst (Wgo). De ingezette projectlijn van 2001 is in het jaar 2002 doorgetrokken, de afronding van het project heeft plaats gevonden in het eerste kwartaal van 2003. Doel van het project was: Het verbeteren van de werking van de arbeidsmarkt op ICT gebied tussen vraag (bedrijven/werkgevers) en aanbod (studenten/werkenden/Friese IT-opleidingen).
Het project en haar impact kunnen niet los gezien worden van de sterk veranderende economische krachten tijdens de projectduur.
ICT en de economie
Het project heeft geopereerd in een veel onzekerder economische situatie dan ten tijde van de planvorming. Na 11 september 2001 is de teruggang van de ICT-sector versneld doorgezet. Buitengewone krapte op de arbeidsmarkt heeft feitelijk de aandacht afgewend van de problemen omtrent aansluiting die er zijn in het speelveld van arbeid, scholing en werkgelegenheid. De uitgangspunten van het project zijn echter onverminderd van kracht gebleven.
Achtergrond: de hype en de dip
Rond ICT heeft jarenlang een euforische stemming bestaan. Het was een tovermiddel, een panacee voor alle kwalen, dat groei van werkgelegenheid en economie bracht. Die stemming werd voornamelijk veroorzaakt door de geweldige groeicijfers die met name de Amerikaanse economie jaar na jaar liet zien. Het begrip 'nieuwe economie' deed daar dan ook zijn intrede.
Terugkijkend was medio 2000 al een keerpunt te zien op de financiële beurzen, zowel in de VS als in Europa. Noteringen van ICT-bedrijven kwamen terecht in een dalende trend die tot ver in 2001 voortduurde en versterkt werd na de aanslag op het WTC. In een aantal gevallen leidde dat tot faillissementen, overnames of een kwakkelend bestaan (Lernout & Hauspie, World Online, Newconomy). Deze neergang veroorzaakte een psychologisch effect de andere kant uit: ICT bleek al die tijd schromelijk overschat te zijn, er was helemaal geen sprake van een nieuwe economie, zo klonk het van vele zijden. Teleurstelling en pessimisme kregen de overhand.
Tijd voor nuchterheid
Medio 2003, zijn de kruitdampen opgetrokken en worden de contouren van de gebeurtenissen beter zichtbaar. Dan blijkt dat zowel de euforie als het pessimisme overspannen reacties waren op de geboorte van wat we wel degelijk een doorbraaktechnologie mogen noemen. Die doorbraak is in kracht vergelijkbaar met de komst van de stoommachine en electriciteit, schrijft het Centraal Planbureau in een recente studie. Ook de Nederlandse Bank noemt de veranderingen die ICT in de economie bewerkstelligt, nog steeds van fundamenteel belang.
Een andere bevestiging komt van de OESO die in juni 2001 aan overheden adviseerde de inzet van ICT te blijven stimuleren. De kern in de betogen van deze verschillende organisaties is dat ICT weliswaar geen conjunctuur-bewegingen wegneemt (daarin hadden de profeten van de nieuwe economie ongelijk), maar dat ICT wel aanzienlijk de productiviteitsgroei bevordert (op dit punt hadden de profeten wel gelijk). Het CPB heeft bijvoorbeeld in de hierboven genoemde studie berekend dat de Nederlandse productiviteitsgroei van de laatste jaren geheel op rekening komt van sectoren die ICT produceren of er intensief gebruik van maken.
ICT en Arbeidsmarkt
Wat betreft de arbeidsmarkt stelt het Centraal planbureau hierover in haar brochure ‘CEP-op-maat ICT 2001-2003’:“De krachtige groei van de ICT-sector in de tweede helft van de jaren negentig ging gepaard met een sterke vraag naar personeel, sterker dan elders in de economie. Tussen 1995 en 2000 kwamen er in de ICT-sector zo’n 85.000 mensen (in arbeidsjaren) bij, in het bijzonder bij de computerservicebedrijven. In vergelijking, de werkgelegenheid in het Nederlandse bedrijfsleven liep op met zo’n 780.000 arbeidsjaren. Door onvoldoende aanbod stuitte het aantrekken van personeel in toenemende mate op problemen. Dit gold zeker voor de computerservicebedrijven. Was in 1995 3% van het totale personeelsbestand vacant door uitbreiding en verloop, vorig jaar was dat percentage al opgelopen tot circa 7%. Opvallend daarbij is dat het aantal moeilijk vervulbare vacatures daarvan een steeds groter deel uit is gaan maken. In 2000 was bijna 70% van alle vacatures in de computerservicebedrijven moeilijk vervulbaar.
Arbeidsproductiviteit
In december vorig jaar bleek ook uit de jaarlijkse enquête Regionale Bedrijfsontwikkeling dat de arbeidsproductiviteit in de provincie evenals in vorige jaren nog steeds dik achter loopt bij het landelijk gemiddelde. Momenteel vindt onderzoek plaats naar de vraag hoe deze achterstand kan worden ingelopen. Een ding is wel duidelijk: er is meer innovatie nodig in het MKB. In onderzoek en ontwikkeling, waarbij Informatietechnologie een belangrijke indicator is, wordt veel minder geïnvesteerd dan elders. Het MKB is en blijft voor Leeuwarden en Friesland van grote economische betekenis. Kennisontwikkeling, met name van (en met) ICT, bepaalt in toenemende mate het onderscheidend en innovatieve vermogen. Leeuwarden heeft hierbij een centrum- en motorfunctie, met de hoofdzetels van HBO en MBO opleidingsinstituten.
Een peiling in Friesland (februari 2002) georganiseerd vanuit het project heeft aangegeven dat bedrijfsleven en onderwijsinstellingen dit onderschrijven en behoefte hebben aan een structureel betere afstemming, samenwerking en meer transparantie. Instellingen en bedrijven hebben wel contact, maar dan vooral incidenteel, op uitvoerend niveau, en niet structureel, op strategisch/tactisch niveau. ICTICT blijft kortom een geweldig belangrijke factor in de ontwikkeling van de economie; samenwerking tussen de verschillende partijen in het ICT-veld is een belangrijke voorwaarde voor structurele verbetering. Deze dynamiek te begrijpen en zo goed mogelijk te faciliteren blijft van groot belang voor overheden die economische beleid maken en uitvoeren. Hierbij moet nadrukkelijk opgemerkt worden dat de kracht van de economische structuur niet alleen wordt bepaald door de kwantitatieve (ICT)werkgelegenheid, maar zeker ook door haar innovatief vermogen, waarbij de juiste inzet van ICT belangrijk is voor het kennisniveau en de productiviteitsgroei.
Het project IT-loket: opzet
Tegen de achtergrond van de destijds geformuleerde doelstellingen, zijn de activiteiten in het project samen te vatten onder drie hoofdnoemers:
| Overzicht: |
Het verzamelen (en vervolgens bijhouden) van kwantitatieve en kwalitatieve gegevens met betrekking tot de Friese IT-arbeidsmarkt, om zo het overzicht op (en inzicht in) de regionale arbeidsmarkt en de ontwikkelingen daarin te verkrijgen. |
| Samenhang: |
Het bevorderen van samenhang, afstemming en samenwerking (‘makelen en schakelen’) tussen de diverse partijen die tezamen de ‘zachte’ ICT-infrastructuur in Friesland vormen of daarin een rol spelen. |
| Ontwikkeling: |
Het initiëren van projecten en activiteiten gericht op kennisbevordering, samenwerking en andere acties die een bijdrage kunnen leveren aan de ontwikkeling van de ICT-arbeidsmarktstructuur in Friesland. |
Concreet heeft dit geleid tot de volgende doorlopende hoofdactiviteiten: Het project IT-loket: opzet
Tegen de achtergrond van de destijds geformuleerde doelstellingen, zijn de activiteiten in het project samen te vatten onder drie hoofdnoemers:
| Overzicht: |
Het verzamelen (en vervolgens bijhouden) van kwantitatieve en kwalitatieve gegevens met betrekking tot de Friese IT-arbeidsmarkt, om zo het overzicht op (en inzicht in) de regionale arbeidsmarkt en de ontwikkelingen daarin te verkrijgen. |
| Samenhang: |
Het bevorderen van samenhang, afstemming en samenwerking (‘makelen en schakelen’) tussen de diverse partijen die tezamen de ‘zachte’ ICT-infrastructuur in Friesland vormen of daarin een rol spelen. |
| Ontwikkeling: |
Het initiëren van projecten en activiteiten gericht op kennisbevordering, samenwerking en andere acties die een bijdrage kunnen leveren aan de ontwikkeling van de ICT-arbeidsmarktstructuur in Friesland. |
Concreet heeft dit geleid tot de volgende doorlopende hoofdactiviteiten:
- Ontwikkeling IT-gids Friesland
- Prikbord (‘banen’site voor vraag en aanbod)
- Analyse en onderzoek naar arbeidsmarkt Friesland
- Samenwerking met en tussen IT-opleidingen
- Diverse permanente contactactiviteiten
- Follow-up van Nederland Gaat Digitaal
De acties die op basis van de hoofdactiviteiten hebben plaats gehad, hebben geleid tot een concrete invulling van de begrippen “overzicht”, “samenhang” en “ontwikkeling”.
Conclusies
Alhoewel door de conjunctuur de behoefte aan extra personeel nu afneemt, duiden de middellange termijn vooruitzichten voor de ICT-sector er op dat deze behoefte weer aan zal trekken. Het toekomstig arbeidsaanbod zal echter een minder groot knelpunt zijn als bedrijven slimmer gaan werken. Onder meer door het vastleggen van persoonsgebonden kennis kan het productieproces efficiënter worden gemaakt. Bedrijven (en andere werkgevende organisaties) en intermediairs hebben gedurende het project te kennen gegeven grote waarde te hechten aan een structureel betere samenwerking met onderwijsinstellingen. Ook onderwijsinstellingen hebben daaraan behoefte. De samenwerking bestaat ook wel degelijk, maar is veelal incidenteel van aard of gebonden aan persoonlijke relaties (dus geen onderdeel van staand beleid): gemotiveerde docenten en stagecoördinatoren op de scholen enerzijds, stagebegeleiders bij bedrijven anderzijds. Er is in het project samengewerkt met veel mensen die wel degelijk met grote gedrevenheid en creativiteit hun steentje bijdragen; de uitdaging is echter om tussen deze stenen het cement te voegen. Gebleken is dat het project goede impulsen heeft kunnen geven voor deze problematiek; een echt structurele oplossing vergt echter een veel langere adem, waarbij de wens tot samenwerking dient te worden vastgelegd in beleid, gekoppeld aan concrete uitvoering.
Deels is dit te verklaren door het wegvallen van de structurerende werking van de ‘oude’ arbeidsvoorziening, die structureel statistisch onderzoek deed naar de dynamiek op de arbeidsmarkt.De ontwikkeling van de IT-gids heeft ten doel inzicht te geven in de aard en omvang van ‘core business’ IT-bedrijven. Het proces heeft ruim een jaar geduurd, waarbij bleek dat het verloop in deze tak van bedrijvigheid niet alleen bij de starters en eenmansbedrijven, buitengewoon groot is, ook dit bemoeilijkt voor scholen een structurele relatie met bedrijven.
Samenwerking met of via intermediairs, zoals bijv. de ICT-Vereniging en de Stichting Ondernemers Netwerk Littenseradiel, is zeer zinvol gebleken. Een goed overzicht van de IT-arbeidsmarkt, kwalitatief en kwantitatief, is belangrijk voor beleidsmakers, zowel op scholen, in bedrijven als bij overheden. Het bijhouden van dergelijke statistieken en het interpreteren daarvan, is een vak op zich, Het verdient aanbeveling om hier regionaal strcucturele voorzieningen voor te treffen. Een andere verklaring voor de gebrekkige verankering in de regionale economie moet worden gezocht in de financiering van de beroepsopleidingen. Deze is nauwelijks gericht op uitstroom in de regio, maar juist op instroom van studenten en/of nieuwe studierichtingen. Het is, m.a.w., geen grote must voor opleidingen om structurele marktverkenningen te doen naar de feitelijke vraag in de regio, om zodoende te weten wat voor soort mensen met welke beroepsprofielen de bedrijven wensen. Dit uit zich o.a. in een marginaal alumnibeleid, terwijl juist alumnibeleid een goede structuur kan bieden om blijvend de opleidingen te kunnen toetsen aan de arbeidspraktijk (immers de ex-studenten zijn in te zetten bij tal van activiteiten, zoals gastcolleges, toetsing curricula, feed back op praktijkstages etc.). Het verankeren van het ‘produkt’ van de beroepsopleidingen in de regio laat hierdoor te wensen over. De afzonderlijke partijen hebben ten tijde van de afronding van het project onvoldoende power om ‘tussen de stenen het cement’ te voegen, een onafhankelijk platform blijft gewenst dat als trekker fungeert voor de ontwikkelingen.
Er is in de loop van het project veelvuldig gesproken over innovatie. ICT is immers geen doel op zich, maar wel belangrijk voor meer innovatie. Dit wordt onderschreven door tal van andere onderzoeken, waarin innovatie voorwaardelijk wordt genoemd voor de vergroting van de arbeidsproductiviteit. Recent is door bedrijven, mede in overleg met ICT Center Friesland, het Fries ICT Platform opgericht. Een van de aanbevelingen van dit platform is dat er onderzoek wordt gedaan naar die sectoren in de Friese economie, waar slimme inzet van ICT al snel kan leiden tot productiviteitsgroei.
De formele beëindiging van het project houdt niet in dat de verschillende activiteiten geheel ophouden te bestaan. Een aantal acties heeft een structureel karakter, zoals de banensite, de samenwerking met o.a. het ICT-Lyceum op gebied van ondernemerschap, de terugkerende werkcolleges die gehouden worden en de IT-gids Friesland die digitaal (via de website) actueel gehouden kan worden. De activiteiten gericht op de bevordering van zelfstandig ondernemerschap zijn naar onze mening niet alleen succesvol geweest, maar hebben ook geleid tot veelbelovende initiatieven op de scholen zelf. Vele contacten tussen scholen en bedrijven zullen ook zeker worden voortgezet.
Het project is uitgevoerd met steun van het Samenwerkingsverband Noord-Nederland en de Europese Gemeenschap, het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling.
Het project wordt gecofinancierd door de Provinsje Fryslân en door het Interreg IIIC programma middels Hanse Passage-middelen.
|
|
 |
|